GEMERT-BAKEL – Stank veroorzaakt door nertsenfarms moet meetellen bij de toetsing van geurhinder. Dat stelt wethouder Roël Hoppezak van Gemert-Bakel in een artikel op de website van het Gemerts Nieuwsblad. In bestaande rekenmodellen wordt ‘de geur’ die nertsenhouderijen verspreiden momenteel nog buiten beschouwing gelaten. “Het is niet aan de mensen uit te leggen dat de stank van een varken wel meetelt en van een nerts niet. Ik ben er daarom van overtuigd dat er een juridische basis is voor een consequentere aanpak”, aldus wethouder Hoppezak.
Volgens hem ondervinden de inwoners van Elsendorp en De Rips, twee dorpen binnen de gemeente Gemert-Bakel, in de praktijk meer geurhinder dan uit de thans gehanteerde rekenmodellen blijkt. Volgens het Gemerts Nieuwsblad baseert Hoppezak zich hierbij op de uitkomsten van een milieubelevingsonderzoek dat door de GGD is uitgevoerd in opdracht van de gemeente. Op basis van dit onderzoek concludeert de wethouder dat de overlast die de nertsenhouderijen veroorzaken niet is verminderd, maar juist is toegenomen. Het college wil de bevindingen op korte termijn met de gemeenteraad evalueren.
“De mate van geurhinder hangt mede af van de diersoort en van het aantal dieren. Er zal dus vastgesteld moeten worden hoeveel geur een kip of een nerts verspreid en hoeveel dieren van een bepaalde soort er op een locatie gehouden worden”, aldus Hoppezak in het Gemerts Nieuwsblad. “We houden onze inwoners voor de gek als we varkens wel en nertsen niet in de beoordeling van bestaande en toekomstige bedrijfsactiviteiten meenemen.”
Binnen de gemeente Gemert-Bakel verblijven volgens het Centraal Bureau voor de Statistiek ruim 216.000 nertsenteven. Dit komt neer op ruim een kwart van alle nertsen in Nederland. Met deze aantallen steekt Gemert-Bakel qua nertsen ver boven de andere gemeenten in De Peel uit.
Bron: Gemerts Nieuwsblad










