De bruine draaimolen van de grensoverschrijdende mesthandel

NL – DE – BE – Volgens de Rijksdienst voor ondernemend Nederland is de export van dierlijke mest naar Duitsland in de eerste helft van 2018 gedaald met 27%. Tegelijkertijd klagen politici in de Duitse deelstaat Nordrhein-Westfalen over ‘unerlaubte Gülleimporte aus die Niederlande’. De Landwirtschaftskammer in NRW zegt dat aan 1 op 3 mesttransporten uit Nederland een luchtje zit. Hoewel Duitsland veruit de belangrijkste exportmarkt is, blijkt dat de export van Nederlandse mest naar België dit jaar met ruim 9% is gestegen. Tegelijkertijd meldt het Vlaams Coördinatiecentrum Mestverwerking dat de export van ‘ruwe runder- en varkensmest’ naar Nederland óók is gestegen. Hoe kan dit? Een blik in de cijfers van de grensoverschrijdende mesthandel die steeds meer lijkt op een bruine draaimolen.

De Rijksdienst voor ondernemend Nederland (RVO) maakte eind september bekend dat de export van dierlijke mest van Nederlandse veehouderijen in het eerste halfjaar van 2018 fors lager was dan in de eerste helft van 2017. Vergelijking van het aantal mesttransporten en hoeveelheden mest (in tonnen) dat in de eerste helft van het jaar is geëxporteerd.

Omgerekend ging er tot en met 30 juni van dit jaar 16,6 miljoen kilo fosfaat de grens over in de vorm van dierlijke mest. Dat is bijna een kwart minder dan in dezelfde periode vorig jaar. Vooral naar Duitsland werd fors minder mest geëxporteerd, althans volgens officiële opgaven van de RVO op basis van verwerkte vervoersbewijzen voor dierlijke mest.

Uit deze grafiek blijkt dat de veesector in Nederland vooral verwerkte mest (mengmest/divers) en varkensmest exporteert. De belangrijkste reden om het mestoverschot te verwerken in mestfabrieken is simpelweg om te besparen op transportkilometers.

Export naar Duitsland, België en Frankrijk
Hoewel mest verwerken in mestverwerkingsinstallaties als ‘oplossing’ wordt gepresenteerd door de veesector en politici in Nederland, krijgen steeds meer EU-landen te maken met aangescherpte nitraatnormen. In Duitsland is de Mestwet vorig jaar aangepast,vanwege een uitspraak van het Europees Hof. Hierdoor krijgt de agrosector in Duitsland ook steeds nadrukkelijker met een structureel mestoverschot te maken.

Duitsland is een belangrijke afzetmarkt voor het mestoverschot in Nederland. Hoewel de cijfers over 2018 nog niet volledig zijn, daalt de export naar Duitsland aanzienlijk.

Prof. Dr. Friedhelm Taube (Universität Kiel) stelde juni 2018 in een interview met weekblad Der Spiegel dat de recente herziening van de Duitse mestwet nauwelijks helpt om de nitraatuitspoeling uit mest te stoppen. “Allein in Deutschland entstehen durch diese Überdüngung pro Jahr Schäden in Höhe von fünf Milliarden Euro.” Verwacht wordt dat de afzetkansen van Nederlandse mest naar Duitsland in de toekomst verder gaan dalen door verdere aanscherping van de Duitse mestwet en klimaatmaatregelen.

In Duitsland is er dan ook steeds meer kritiek en weerstand te horen over het “mesttourisme” uit Nederland. Volgens politici en de Landwirtschaftskammer in Nordrhein-Westfalen wordt er met veel met mesttransporten vanuit Nederland gesjoemeld. Daarbij speelt mee dat CDU en FDP in de Landtag in NRW (net als in Nederland CDA en VVD) jarenlang de andere kant opkeken als het ging om overbemesting. Na aanscherping van de Duitse mestwet geldt ook in Duitsland ‘mest van eigen boeren eerst’.


Deze grafiek toont de export per mestsoort naar Duitsland volgens opgave van de RVO. De daling van de export in 2018 zit op vooral bij de verwerkte mest (mengmest/divers).

Volgens de Landwirtschaftskammer in NRW is er met name met de transporten van verwerkte mest uit Nederland het nodige mis. Het lijkt erop dat de export van verwerkte mest en andere mestsoorten op papier naar Duitsland is gedaald maar dat er, uitgaande van de signalen van de Landwirtschaftskammer, op “creatieve wijze” toch meer mest uit Nederland wordt geëxporteerd dan officieel wordt geregistreerd.

Terwijl de export van mest naar Duitsland in 2018 fors is gedaald, is de export van varkensmest naar België sterk gestegen en die van rundveemest aanzienlijk gedaald. Elders in dit artikel wordt ingegaan op cijfers van het Vlaams Coördinatiecentrum Mestverwerking (VCM), waaruit blijkt dat de export van ruwe runder- en varkensmest vanuit Vlaanderen naar Nederland is gestegen.

Ook Frankrijk lijkt een steeds belangrijke afzetmarkt te zijn voor verwerkte mest (mengmest/divers) uit Nederland. Of het verslepen van mest over dergelijke afstanden onder de noemer ‘kringlooplandbouw’ kan worden geschaard, is ronduit discutabel. Grondstoffen, vlees en mest leggen steeds grotere afstanden af met gebruik van grote hoeveelheden fossiele brandstoffen.

De RVO geeft geen specificatie welke de ‘overige landen’ zijn. Vergeleken met de afzet in de directe buurlanden (Duitsland, België en Frankrijk) is het volume beperkt.

Export Vlaamse mest naar Nederland
Hoewel Nederland al decennia kampt met een structureel mestoverschot, wordt er nog altijd mest geïmporteerd uit omringende landen naar Nederland. De export van ruwe varkens- en rundermest uit België naar Nederland is sinds 2010 namelijk onder bepaalde voorwaarden toegestaan. Ook behandelde mest mag vanuit België naar Nederland worden geëxporteerd. Raar, maar waar. De grensoverschrijdende mesthandel lijkt wel een draaimolen. Het kan te maken hebben met het beperken van transportkilometers, maar toch blijft het vreemd dat er mest wordt geïmporteerd terwijl er in Nederland al decennia een structureel mestoverschot is.

Volgens het Vlaams Coördinatiecentrum Mestverwerking (VCM) is de export van ruwe rundermest vanuit Vlaanderen naar Nederland in 2017 met 11 % gestegen. De export van ruwe varkensmest naar Nederland nam in 2017 toe met 3% is ten opzichte van 2016 (stijging van 39 612 kg stikstof / 7.956 ton mest). Het grootste deel van de mestexport naar Nederland bestaat uit champignonsubstraat; een mengsel van stro met allerlei mestsoorten. In 2017 werd in totaal 437.893 ton aan mest en dierlijke mestproducten door Vlaanderen geëxporteerd naar Nederland (een stijging van 47.829 ton ten opzichte van 2016).

Vlaanderen exporteerde in 2017 afgerond 438.000 ton verwerkte mest naar Nederland. Veruit het grootste deel daarvan bestond uit champignonsubstraat, dat stro en diverse mestsoorten kan bevatten. Voor de Vlaamse veesector is Frankrijk de belangrijkste afzetmarkt.

De export van mestproducten vanuit België naar Duitsland bedraagt slechts een fractie van de export naar Nederland en Frankrijk, namelijk 49.699 ton. Vanuit Vlaanderen gaat 55 % (-3 %) van de geëxporteerde mestverwerkingsproducten naar Frankrijk, 33 % (+4 %) naar Nederland, 8 % (-1 %) naar andere landen en 4% (=) naar Duitsland. Het VCM signaleert een stijging van de export van verwerkte mest naar Nederland in 2017 en een daling van de export naar Frankrijk. In 2016 was er volgens VCM nog een duidelijke stijging van de export naar Frankrijk te zien die ten koste ging van de export naar Nederland.

Opmerkelijke verschillen
Een ander opmerkelijk gegeven zijn de verschillen in hoeveelheden geëxporteerde fosfaat en stikstof in dierlijke mest uit Nederland. Het CBS presenteert andere exportcijfers dan het RVO. Een opmerkelijk verschijnsel is bovendien dat de hoeveelheid geëxporteerde stikstof volgens het RVO láger is dan het CBS opgeeft en dat de hoeveelheid geëxporteerde fosfaat juist hóger (zie onderstaande grafiek). Een verklaring voor deze verschillen ontbreekt vooralsnog.


CBS en RVO presenteren verschillende cijfers als het gaat om de export van fosfaat en stikstof uit mest… (Het CBS heeft nog geen gegevens gepresenteerd over 2017).

Afzetkansen mestoverschot?
Blijft tot slot de vraag waar het structurele mestoverschot, na het -terecht- aanscherpen van de mestwetten in diverse EU-landen, naar toe kan? Het antwoord is dat deze ruimte in Europa nergens te vinden is. Uit cijfers van Eurostat blijkt dat bijna in bijna alle EU-landen sprake is van een overschot aan stikstof en fosfaat:

Bovenstaande kaart toont het stikstofoverschot per hectare binnen de EU. Recentere data staan in onderstaande grafiek (bron: Eurostat 27-10-2016). Daaruit blijkt dat de stikstofoverschotten in de EU de afgelopen jaren zijn gedaald, maar ook dat de meeste landen nog altijd worstelen met een aanzienlijk tot fors stikstofoverschot. Ook de plaatsingsruimte voor fosfaat binnen de EU is beperkt:

eu_mineral_balance_ha_2014_phosphor

Bovenstaande grafiek laat zien dat de meeste EU-landen gemiddeld te maken hebben met een bijna-balans of fosfaatoverschot per hectare (*data 2013). Alleen in Bulgarije, Tsjechië, Italië, Romenië, Slowakije en Zweden is er nog beperkte plaatsingsruimte. Veel ruimte voor afzet van fosfaat is er dus niet. De vraag is bovendien of dit zo blijft en of de transportkosten opwegen tegen de voordelen van export?

eu_mineral_balance_ha_2014_nitrogen

Uit cijfers (Eurostat 27-10-2016) blijkt tevens dat alle EU-landen in 2014 (*data 2013) een stikstofoverschot per hectare hebben, uitgezonderd Roemenië waar sprake is van een marginale balans (-1). Duitsland, met een gemiddeld overschot van 87 kg/ha, is in november 2016 door de Europese Commissie aangeklaagd bij het Europees Hof wegens het structureel overschrijden van de Nitraatrichtlijn (die het grondwater moeten beschermen tegen een overmaat aan stikstof). Inmiddels heeft Duitsland een aangescherpte Mestwet.

Meer verwerkte mest?
Minister Schouten (LNV) heeft in haar landbouwvisie op 8 september 2018 aangekondigd dat ze de hoeveelheid kunstmest wil terugdringen en meer wil inzetten op verwerkte mest als kunstmestvervanger. Of dat de oplossing is voor het structurele mestoverschot, is nog maar de vraag. Uit onderzoek van Wageningen Universiteit blijkt dat zelfs na verruimen van de wettelijke status de afzetkansen van mineralenconcentraten gering zullen blijven, omdat er nauwelijks een markt is voor deze concentraten.

Regels export dierlijke mest
Bedrijven die mest exporteren naar het buitenland moeten aan verschillende wetten en verordeningen voldoen. De Rijksdienst voor Ondernemend Nederland is verantwoordelijk voor de uitvoering en handhaving van deze regels. Daarnaast hanteren ontvangende landen ook eigen regels. De stroom klachten uit Duitsland maakt duidelijk dat er het nodige schort aan deze grensoverschrijdende handhaving.

Dit bericht is geplaatst in Europees Hof, Mestoverschot, Mineralenoverschot, Nordrhein-Westfalen, Politiek, Rundveehouderij, Tweede Kamer, Varkenshouderij, Waterkwaliteit. Bookmark de permalink.

Eén reactie op De bruine draaimolen van de grensoverschrijdende mesthandel

  1. spêlêkster schreef:

    Dit is toch wel een scherpe tegenstelling met de propaganda voor de zgn. mestverwerkers. Met hun reclame voor onder andere mestkorreltjes voor Duitse en Franse wijnboeren. Ik vrees dat Schouten straks weer zo’n smoes hanteert. Zoiets als: “mest verwerken is alternatief voor kunstmest” of iets dergelijks. Het is in de vee-industrie nooit anders geweest met deze zgn. “alternatieven”, “oplossingen” en verbloemend jargon zoals: LOG’s, luchtwassers, geurnormen, geurstacks, odeurs, duurzame berdijven, familiebedrijven, enz.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Deze site gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.