‘Mestvergisting: geen significante toegevoegde waarde’

DEURNE – “Mestvergisting biedt geen significante toegevoegde waarde voor de lokale warmtetransitie.” Dat concludeert adviesbureau Royal HaskoningDHV in een rapport uitgevoerd in opdracht van de gemeente Deurne. “De beschikbaarheid en kosten van groen gas voor de bebouwde omgeving zijn onzeker en er zijn geen mogelijkheden om de aansluiting tussen vraag en aanbod op lokaal niveau te sturen.”

Volgens het rapport ‘Mestvergisting Deurne’ wordt ‘mestvergisting vaak sterk vanuit de techniek en de business case voor de agrariër aangevlogen. Maar mestvergisting is nadrukkelijk niet een puur technische aangelegenheid’.

“In afwegingen hoe als gemeente hiermee om te gaan, spelen ook tal van andere elementen, zoals gezondheid en hinder, het stimuleren van lokale bedrijvigheid en gaande transities. Uiteindelijk speelt hier de vraag, wat voor soort gemeente Deurne wil zijn”, aldus de rapporteurs.

Geen toegevoegde waarde warmtetransitie
HaskoningDHV somt aan het eind van haar rapport een reeks aanbevelingen op die de gemeente Deurne (en andere gemeenten, red.) kunnen helpen bij het maken van afwegingen rond het toestaan van mestvergisting. De belangrijkste conclusie is deze:

“Na zorgvuldige afweging kunnen we concluderen dat mestvergisting geen significante toegevoegde waarde biedt voor de lokale warmtetransitie. De beschikbaarheid en kosten van groen gas voor de gebouwde omgeving zijn onzeker en er zijn geen mogelijkheden om de aansluiting tussen vraag en aanbod op lokaal niveau te sturen.” Deze onzekerheid blijkt onder andere uit het grote aantal woningbezitters in Gemert-Bakel dat in 2023 is overgeschakeld op propaangas.

De bevindingen van HaskoningDHV staan haaks op een vergelijkbaar rapport dat in 2021 in opdracht van de gemeente Gemert-Bakel is opgesteld door bureau De WarmteTransitieMakers. Dat rapport (Transitievisie Warmte) is ronduit slecht onderbouwd en vooringenomen; een eerdere versie moest ingrijpend worden herzien op basis van ingediende zienswijzen. De WarmteTransitieMakers gaan hierin volledig voorbij aan de vele nadelen die er aan mestvergisting kleven. Dat was voor bezorgde inwoners aanleiding om een petitie te starten: geen woonwijken in Gemert-Bakel aan de mestvergister!

Interessant voor ondernemers…
HaskoningDHV stelt dat het exploiteren van een mestvergistingsinstallatie ‘voor ondernemers economisch interessant kan zijn’ (lees: veebedrijven), maar geen voordeel oplevert voor de lokale gemeenschap. Met voordeel voor ondernemers wordt vooral gedoeld op allerlei aantrekkelijke belastingregelingen, zoals investeringsaftrek (MIA en Vamil) en subsidie (SDE++). Deze regelingen dragen in belangrijke mate bij aan de bouwkosten en het jarenlang subsidiëren van gas van mestvergisters. Daarmee worden veehouders met steun van veel belastinggeld van hun mestprobleem afgeholpen. Dat is in strijd met het principe ‘de vervuiler betaalt’.

Geen voordeel lokale gemeenschap
Onder het kopje ‘Geen toegevoegde waarde warmtetransitie’ komt HaskoningDHV tot de conclusie dat mestvergisters vooral interessant zijn voor veebedrijven vanwege het financiële voordeel: “Of deze technologie wordt toegepast, hangt vooral af van de economische stimulansen voor boeren. Er is geen significant economisch voordeel voor de lokale gemeenschap, wel op het gebied van het verminderen van overlast, met name stank”, aldus het rapport. Ten aanzien van het laatste punt maken de samenstellers een verkeerde inschatting; co-mestvergisters verspreiden namelijk in de praktijk vaak een penetrante stank.

Opmerkelijk is dat HaskoningDHV vervolgens stelt dat ‘Binnen de juiste kaders een mestvergister een positieve invloed zou kunnen hebben op de lokale omgeving en klimaatdoelstellingen’. Dit standpunt wordt echter direct weer ontkracht: ‘Desondanks is het belangrijk om op te merken dat positieve resultaten ook kunnen worden verkregen via alternatieve middelen, zoals het verminderen van de hoeveelheid vee.’ Bingo! Het mestprobleem bij de bron aanpakken is vele malen effectiever én goedkoper.

Mens, Dier & Peel vindt dat mestvergisters geen bijdrage leveren aan verbetering van het leefmilieu. Sterker nog: mestvergisters houden de extreme veestapel in De Peel juist overeind. Dat leidt tot allerlei negatieve gevolgen voor natuur, leefmilieu en klimaat (stank, stikstof, volksgezondheid, etc) en overzee (ontbossing voor teelt grondstoffen voor veevoer, transport, etc.). Tijdens het vergistingsproces treden aanzienlijke verliezen op van broeikasgassen. Bovendien komen bij de verbranding van gas ook weer broeikasgassen vrij. Meer hierover in onze: FAQ mestvergisters.

Veranker gezondheid in omgevingsvisie
HaskoningDHV adviseert de gemeente Deurne daarom ‘zorg te dragen voor heldere spelregels’ en ‘mestvergisting aan de markt over te laten’. Ook dient volgens het rapport nadrukkelijk rekening gehouden te worden met de impact van mestvergisters op de leefomgeving. “Belangrijk onderdeel van de spelregels is om het verband tussen veehouderij en gezondheid expliciet te definiëren in een omgevingsvisie, zodat gezondheid nadrukkelijk wordt meegewogen bij het afgeven van vergunningen.”

Dit vergt volgens Mens, Dier & Peel dan wel een onafhankelijke, ongebonden, lokale overheid met een heldere visie, waarbij het algemeen belang inclusief strikte handhaving zwaarder moeten wegen, dan de belangen van een enkele ondernemer met een grote impact op de leefomgeving. In de praktijk schort het daar nogal eens aan bij sommige gemeenten in de Peel, waar cliëntelisme bepaald geen zeldzaamheid is.

Wees terughoudend met co-vergisting
Het rapport is door HaskoningDHV opgesteld op basis van interviews, publiekspeiling en literatuuronderzoek. Geadviseerd wordt ‘erg terughoudend’ te zijn met mestvergisting. Ook hebben de samenstellers ‘grote twijfels over de wenselijkheid van grootschalige co-vergisting’. Als reden noemen zij ‘de publieke opinie, het reële risico op fraude, de effecten op de omgeving en conflicten met flankerend beleid’.

HaskoningDHV merkt verder op: “Het is ook de vraag of vergunningen voor dergelijke installaties zullen worden afgegeven.” Hiermee wordt impliciet verwezen naar de provincie Noord-Brabant. In het provinciaal regeerakkoord staat namelijk dat grootschalige mestvergisting niet is toegestaan in het buitengebied in Noord-Brabant en dat mestvergisting – als het al wordt toegestaan – uitsluitend op grote industrieterreinen mag plaatsvinden. Dus niet in het buitengebied.

Groen gas onwaarschijnlijk
De haalbaarheid van kleinschalige monovergisting op eigen erf met omzetting naar ‘groen gas’ is volgens HaskoningDHV ‘onwaarschijnlijk, want dit is financieel niet haalbaar’. Grootschalige productie van groen gas (incl. stikstofstrippen) zou volgens de samenstellers wel ‘interessant’ kunnen zijn, ‘maar dit staat weer op gespannen voet staat met de voortgaande transitie in het landelijk gebied’. Zoals eerder opgemerkt werkt de provincie niet mee aan grootschalige mestverwerking in het landelijk gebied.

Volgens het rapport lijkt een vergister met warmtekrachtkoppeling (produceren elektriciteit) voor individuele bedrijven ‘meer passend’. Over de rol van de gemeente zijn de samenstellers duidelijk: “Wij zien dan ook in geen van beide (co- en mono-mestvergisting, red.) een rol voor de gemeente, buiten regulering. Wat ons betreft zijn deze investeringsbeslissingen de verantwoordelijkheid van de veehouder.”

Nut coöperatievorming beperkt
Ook de waarde van gezamenlijke exploitatie van een mestvergister (coöperatievorming) is volgens Haskoning ‘beperkt vanuit het perspectief van lokale warmtetransitie’. Wel zou dit ‘vanuit een breder maatschappelijk oogpunt de meest aantrekkelijke optie zijn’. Wat hier precies onder ‘breder maatschappelijk oogpunt’ moet worden verstaan, blijft onvermeld. Wel wordt opgemerkt: “Er liggen wel uitdagingen in de provinciale regelgeving die deze vorm bemoeilijken.”

Hoe dan ook dient volgens Mens, Dier & Peel de vraag gesteld te worden of deze inefficiënte omweg, het structureel subsidiëren van mestvergisting en blijven uitstoten van broeikasgassen, opweegt tegen de algemene belangen van de maatschappij plus het rendement van écht duurzamere energiebronnen als zon- en windenergie! Mestvergisting pakt de oorzaak niet aan en blijft dus het paard achter de wagen spannen.

Heldere, transparante koers
HaskoningDHV sluit het rapport af met de aanbeveling aan de gemeente Deurne om te onderzoeken hoe de verschillende gezichtspunten weer met elkaar in gesprek kunnen komen. “De meningen over de veehouderij (en daarmee afgeleid ook mestvergisting) zijn in de gemeente Deurne verdeeld en het debat lijkt gepolariseerd. Vanaf een afstandje bezien lijkt er meer óver elkaar gesproken te worden, dan mét elkaar. Dit leidt tot aannames en onbegrip over en weer. Een heldere koers van de gemeente Deurne, met tijdige transparante en eenvoudige informatie en communicatie, zal hieraan bij kunnen dragen.”

Dit bericht is geplaatst in Covergisters, Deurne, Energie, Gemert-Bakel, Leefomgeving, Mestoverschot, Monovergisters, Peelregio, Provincie Brabant, Stankoverlast, Subsidies, Veedichtheid, Veehouderij, Veestapel. Bookmark de permalink.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Deze site gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.